Padang
12 december 2024 - Padang, Indonesië
Ons verblijf in Padang, de laatste bestemming op de roadtrip, begint met een valse start. Air Manis Hillside Villa is niet de 'villa' waar we naar uitzagen om onze roadtrip ontspannen te beëindigen. Bij aankomst staan de stoelen op het terras 'onder zeil'. De lichten in de ontvangstruimte zijn, terwijl het somber weer is, uit. Het brommende geluid van een generator komt ons tegemoet evenals een intense verflucht, niet bepaald een gastvrij onthaal. Wij krijgen een upgrade, van tuin- naar zeezicht, maar de vraag is of we hier beter van worden? Zeezicht betekent tussen de bananenboombladeren van de verwilderde tuin nog een streepje zee zien. Op het balkon staan stoelen die nog pikken van de net niet droge lak en na 10 min. hebben we hoofdpijn van de verflucht. Ida en Jeroen hebben ook nog te maken met gebreken in de kamer zelf.
Tenslotte is er 's avonds ook nog een stroom-en waterstoring. En als we alles hebben gehad, krijgen Simone en ik nachtelijk bezoek van een dier dat tussen de golfplaten en het plafond zit. Het dier schraapt zo hard dat we er beiden wakker van worden en niet meer kunnen slapen. Ik krijg een flashback van jaren geleden. Een slapeloze nacht in een homestay op Bali door een vergelijkbaar geluid, waarna we 's ochtends tot de ontdekking kwamen dat een rat een gat in de badkamerdeur had gegeten. Nu nemen we maatregelen. Nadat we zo'n beetje getraceerd hebben waar het dier zit proberen we 'm te verjagen door met een kleerhanger op het plafond te slaan. Dat lukt. Het dier vertrekt, om de volgende nacht op hetzelfde tijdstip, klokslag 4.00 uur weer terug te komen. Wat hij niet weet, de klerenhanger ligt klaar. En ook de tweede nacht werkt onze tactiek succesvol.
Padang zelf blijkt een best aantrekkelijke oud-koloniale havenstad. We verkennen de chinese wijk met de See Hien Kiongtempel, en lopen langs de Muara rivier met kleurrijke vissersbootjes en de Sitti Nurbaya-brug, op zoek naar koloniaal verleden. Het mooiste gebouw dat deze tijd representeert is de Padangsche Spaarbank. Het gebouw uit 1908 is getransformeerd tot café- restaurant en op de etage wordt gewerkt aan kamers voor een boutiquehotel. De spaarbank is mooi gerenoveerd, stijlvol ingericht en gezien de aantrekkelijke illustraties op de menukaart en vermelding van een Braziliaanse chef plannen we hier onze laatste avond van de reis. Ik kan, nu dat ik dit schrijf, zeggen dat dit een gezellige avond is geworden. We hebben teruggeblikt op onze reis en heerlijk gegeten.
Gedurende de reis is Ida met enige regelmaat aangesproken als ware zij onze gids. In Padang voelt dit ook voor ons wel een beetje zo. Ida is oorspronkelijk afkomstig uit de regio Padang. Zij spreekt 'Padangs', Zij is dus hier min of meer onze spreekbuis. En ik zie dat zij zich 'thuis' voelt, zoals ik dat zelf ervaar als ik in Noord-Holland ben.
Onderweg heeft Ida de legende van
Malin Kundang verteld. De legende gaat als volgt: Malin woont samen met zijn arme moeder. Eenmaal volwassen gaat hij als schipper op reis. Nadat hij terugkeert als succesvolle rijke kapitein vertikt hij uit schaamte zijn moeder te erkennen, waarop zijn moeder gekwetst de toorn van God over hem uitroept. Als het schip van Malin opnieuw uitvaart komt het in een storm terecht. Het schip vergaat en Malin wordt samen met enkele wrakstukken tegen het strand geworpen. De wrakstukken en zijn lichaam veranderden in een massa steenrotsen. Een must om langs de groep rotsen bij het strand van Pantai Air Manis te gaan als je in de buurt bent.
Uiteraard bezoeken we in Padang de pasar. We relaxen bij beachclub Marawa. En Air Manis verlaten we eerder dan gepland voor het comfort van hotel Santika, waar we vanuit de rooftapbar ook genieten van Padang by night, ......en van een Bintang😉.

Laatste dagen breken aan
En voor straks, Welkom thuis…..
Wij hebben er veel van genoten!